Waar ging het over in de Reformatie?

"Waar het in de reformatie om ging"

Saambinder - 1 november 2000

'Want de rechtvaardige zal uit het geloof leven' Galaten 3:11b.

Rechtvaardig door of uit het geloof alleen, is een waarheid die we heel de Bijbel door tegen komen. Met name de apostel Paulus heeft deze leer krachtig verdedigd. Ook in ons hoofdstuk komt hij krachtig op voor de leer van de vrije rechtvaardiging zonder de werken van de wet. Hoe uiterst beducht was de apostel voor het vermengen van genade en werk. Hij schroomt niet om van betovering en uitzinnigheid te spreken als hij bij de Galaten de neiging bespeurt om te kort te doen aan het genadekarakter van het Evangelie. Als hij merkt hoe ze proberen om plaats in te ruimen voor menselijke inbreng, dan gaat hij pal staan voor de Bijbelse leer van de rechtvaardiging door het geloof zonder de werken van de wet. Hij wijst de lezers van zijn brief op Abraham. Hoe is Abraham gerechtvaardigd? Uit de werken van de wet? Nee, uit het geloof! En alleen degenen die Abraham hierin navolgen, zijn Abrahams kinderen. Het is duidelijk, zo concludeert Paulus, dat uit de werken niemand rechtvaardig is voor God. De wet klaagt ons aan. De wet zegt: 'Vervloekt is een iegelijk, die niet blijft in al hetgeen geschreven is in het boek der wet om dat te doen'. Ja, het is openbaar dat er voor een gevallen, doodschuldig mensenkind geen andere weg tot het leven is, dan de rechtvaardiging uit het geloof. De weg van de werken is afgesneden in onze diepe val in Adam. Maar, welk een wonder! God heeft een nieuwe weg tot het leven ontsloten. In Christus en Zijn gerechtigheid kunnen verloren zondaren de welverdiende straf ontgaan en wederom tot genade komen. Maar hoe krijgen we deel aan die grote zaligheid? Dan is het antwoord van het Evangelie... door het geloof alleen; 'want de rechtvaardige zal uit het geloof leven'.
Dit Evangelie van vrije genade wordt door de kerk van Rome geloochend. Op de vraag 'hoe kom ik met God verzoend', is het antwoord, 'door de tegemoet komende genade van God'. Gods genade moet aanvullen wat tekort is in de goede werken en boetedoeningen. Rome leert dat de rechtvaardige uit de werken leeft. Het gebruik van de sacramenten, aanroepen van de heiligen, zelfkastijdingen, vasten, financiële offers enz. tellen mee als grond voor de schuldvergeving. Zo deelt de kerk van Rome genade uit. Zij opent en sluit de hemelpoort op haar eigen gezag.
In het begin van de 16e eeuw kwam deze dwaalleer tot een zeer extreme uitwas. Paus Leo X had een vernieuwde jubileum-aflaat in het leven geroepen. Tegen betaling kon men vergeving van zonden verkrijgen. De aflaatverkopers brachten de aflaten met grote welsprekendheid aan de man. Uit die tijd stamt de uit­ drukking: 'als het geld in het kistje klinkt, het zieltje in de hemel springt'. De aflaat beloofde de koper kwijtschelding van alle voorgaande en toekomstige zonden. Ook gold deze 'handel' voor degenen die zich in het vagevuur zouden bevinden. Daaruit konden ze worden vrijgekocht en de hemel worden ingekocht.
In die donkere tijd van dwaling en diep verval, begon God een werk van Reformatie! En hoe begon God dat werk? Niet op 31 oktober 1517 toen Maarten Luther de 95 stellingen aanbracht. Eerder begon God dat grote werk. Hij begon dat werk in het hart van de monnik Maarten Luther. Gods Geest leerde de jonge Maarten Luther, in een weg van strijd- en zieleworstelingen, wat Paulus aan de Galaten schreef: 'want de rechtvaardige zal uit het geloof leven'.
Lange tijd heeft Maarten Luther geworsteld met de vraag: 'Hoe krijg ik een genadig God? ' Hij wist welk antwoord de kerk in zijn dagen gaf Hij sloot zich op in het klooster, hij ging de weg van de kerk tot het einde. Hij vastte, bad, nam zich 21 heiligen om aan te roepen, biechtte vaak uren aan een stuk, maar het baatte niet. Hij zonk dieper en dieper weg in de put van zijn verlorenheid voor God. Hoe hij zich ook kromde, hij kon geen voldoening geven aan de rechtvaardigheid van God. Nergens vond hij vrede voor zijn gemoed, dat zo gepijnigd werd met angst om zijn zonden en vrees voor de vorderende rechtvaardigheid van God.
Hij hield maar niet op te bonzen tegen dat woord van Paulus (Romeinen 1: 17): 'Want de rechtvaardigheid Gods wordt in hetzelve geopenbaard uit geloof tot geloof; gelijk geschreven is: 'maar de rechtvaardige zal uit het geloof leven'. Gods rechtvaardigheid vervloekte en verdoemde hem. Hij had een onbetaalde schuld, die open stond bij God. Hij kon voor God niet bestaan. Wat is het een wonder voor Maarten Luther geworden toen de Heere hem leerde om uit het geloof te leven. Later heeft de, oud geworden, reformator die avond beschreven, waarop de Heilige Geest hem het verlossingsgeheim liet zien. 'Wij leven, wij leven niet door ons doen, maar door Gods schenkende gerechtigheid in Christus. Toen werd die tekst van Paulus mij tot een porta paradisi (tot de deur van het paradijs)'. Het Woord viel open, het Evangelie toonde hem de reddende gerechtigheid van Christus. Een gerechtigheid die niet wordt verkregen door de werken, maar uit genade. De liefde van Christus heeft Maarten Luther toen verslonden. Hij vond een gerechtigheid die niet van deze wereld was. Een betere gerechtigheid dan zijn eigen gerechtigheid werd zijn deel. Een geschonken, een toegerekende gerechtigheid werd Maarten Luthers deel. Door het geloof in Jezus Christus ontving hij vrede met God.
Van dat wonder heeft hij niet kunnen zwijgen. De liefde van Christus drong hem. 'Gij Heere Jezus zijt mijn rechtvaardigheid en ik ben uw zonde'. Het wonder van die zalige en ongelijke ruil in het leven van een jonge monnik, was de ontdekking en de kracht van de Reformatie. Toen ging het om het antwoord op de vraag: 'Hoe ben ik rechtvaardig voor God? ' Deze vraag is nog even actueel als toen. Het moet er in ons leven ook om gaan of we rechtvaardig zijn voor God. Helaas krijgen zoveel andere, vele malen minder belangrijke, vragen in ons leven de voorrang. Wat hebben we nodig de krachtige overtuiging aan onze schuld en verlorenheid. Wie in het geweten als gedagvaard werd voor God, wordt ontbloot van alle eigen kracht, wijsheid en verdienstelijkheid. Dan gaan we verstaan wat Maarten Luther in de kantlijn van één van zijn collegediktaten schreef: 'De mens is zondaar in heel zijn bestaan als hij geconfronteerd wordt met de levende God. Hij heeft geen andere levensmogelijkheid dan door het geloof in Gods genade. Hij moet van dag tot dag vernieuwd worden door Christus' persoonlijke tegenwoordigheid'.
Wij willen in de lijn van de Reformatie staan, nietwaar? Maar zijn we wel echt reformatorisch? Gaat het ons om hetgeen, waar het in de Reformatie om ging? Verstaan we Maarten Luther die wist van 'het omkomen naar recht? ' Die ook wist van het wonder: 'want de rechtvaardige zal uit het geloof leven? '
Woerden, ds. W Harinck.

Relevante artikelen uit diverse bronnen

Collecties in categorie

Waar ging het over in de Reformatie?

In deze collectie wordt aan de hand van diverse videos uitgelegd waar het om ging in de Reformatie. Ook wordt inzicht gegeven in de consequenties die de Reformatie heeft gehad.

De Bijbel in de Rooms-Katholieke Kerk en de reformatorische traditie

Er is een duidelijk verschil tussen protestanten en rooms-katholieken wat betreft het gebruik van de Bijbelruikbel. Ten tijde van de Reformatie hadden rooms-katholieke gelovigen vaak niet de beschikking over een Bijbel. Er waren wel delen van de Bijbel in vertaling beschikbaar. Maar ook nu nog wordt de Bijbel door protestanten meer gelezen dan door rooms-katholieken.

Avondmaalopvatting reformatoren

Bij de verschillende reformatoren bestonden verschillende inzichten met betrekking tot de viering van het Heilig Avondmaal. Het belangrijkste verschil van inzicht betrof het karakter van de mis/Avondmaal. Waar in de rooms-katholieke opvatting de mis het aanbieden van het offer van Christus aan God is waarbij de elementen daadwerkelijk veranderen in het lichaam en bloed van Christus, wordt dit laatste in de protestantse tradities ontkend. De verschillende protestantse stromingen hadden elk hun eigen interpretatie van het Avondmaal. Waar volgens Luther Christus met en onder de tekenen aanwezig is, zag Zwingli het vooral als een gedachtenismaaltijd, terwijl Calvijn grote nadruk legde op de geestelijke aanwezigheid van Christus in het Avondmaal.

Vasten

In de rooms-katholieke traditie is vasten altijd al een begrip geweest. Maar er waren ook andere vormen zoals zelfkastijding die met name door kloosterlingen gedaan werden. Dit werd beschouwd als een vorm van verootmoediging en boetedoening voor de zonden.

Bedevaart

Er zijn vele bedevaartplaatsen waar rooms-katholieken massaal naar toe trekken om in de meeste gevallen Maria te vereren. Ook zijn er bedevaartplaatsen die ontstaan zijn vanwege het feit dat daar een godvruchtig persoon heeft gewoond die later heilig verklaard is door de Paus. Bekende bedevaartplaatsen zijn Lourdes en Fatima. Maar ook in Belgie en Nederland zijn bedevaartplaatsen zoals Beauraing en Wittem.

Sacramenten

De Rooms-Katholieke Kerk kent een zevental sacramenten, de protestantse kerken twee. Er is ook een verschil in betekenis van de sacramenten. Een aantal van de rooms-katholieke sacramenten hebben een sterk symbolische waarde, terwijl de protestantse sacramenten dienen ter ondersteuning van het geloof.